NIEUWS | The Final Countdown | We Are Public

Op zaterdag 23 februari tellen we af tot de 1500. Dat is het aantal leden dat we in Utrecht nodig hebben. Hiervoor heb ik als hoofdredacteur van We Are Public Utrecht (en Brabant) een programma samengesteld:

■ Eye-candy en Artist Talk door zeefdruk-legende Harmen Liemburg
■ Muzikale mix van arabische volksmuziek, jazz, hip hop uit Lombok door Dyar
■ Poëtische intermezzo’s door Danique Carmen Kivit  & Joost Oomen
■ Dans door Ali Zanad en Jeffrey Loewenicht van Dox
Johan Gijsen van Le Guess Who? in de DJ-booth
■ Muzikale performance van het illustere duo De Witte Kunst

Locatie: Kapitaal
Paardenveld 1, Utrecht
20:00 – 00:00 uur
We Are Public-leden: gratis

Tickets niet-leden – € 7 aan de deur
>> of sluit je aan en ga direct gratis

NIEUWS | Talkshow De Ruit in RAUM!

Voor RAUM, Utrecht, mag ik een reeks talkshows verzorgen onder het mom ‘maakbaarheid’, met de titel De Ruit. Samen met host Oscar Kocken ga ik elke editie een nieuw onderwerp onder de maakbaarheids-loep leggen. De eerste editie is op 21 februari, en heeft als thema De Liefde.

Donderdag 21 februari
Entree is gratis
Start om 20:00
in Venster, RAUM, Utrecht

Is de liefde maakbaar? Te vangen in een algoritme? Te vereeuwigen in het huwelijk? Waar vinden we romantiek en intimiteit in Utrecht en Leidsche Rijn? De allereerste editie van Talkshow De Ruit onderzoekt de maakbaarheid van liefde, een tijdloos én super actueel onderwerp wat iedereen aangaat. Het stedelijke landschap van de liefde verandert razendsnel door allerlei (technologische) invloeden, veranderende wensen en persoonlijke verlangens. In gesprek met tafelgasten, schetsen we een actueel beeld van de liefde, met een blik op Leidsche Rijn en de stad – en een oog op de toekomst.

Talkshow De Ruit is dé live talkshow van de Utrechtse schrijver en journaliste Teddy Tops. De Ruit schetst een actuele blik op de stad van nu. In anderhalf uur tijd gaat Teddy in gesprek met vaste en eenmalige gasten, over de maakbaarheid van de stad in het algemeen en Leidsche Rijn in het bijzonder. Vanuit wisselende thema’s wordt ontwikkeling en vooruitgang besproken, altijd via grappige én serieuze invalshoeken. Teddy’s gasten komen uit alle lagen van de stad: van buurtbewoner tot wijkagent en van politicus tot theatermaker. Zin in een snelle, frisse avond met humor én verdieping? Wees welkom bij Talkshow De Ruit, in Venster bij RAUM!

TEKST | Wie is de Mol – De Kinderpardon Challenge

Trust Nobody

Goed, welkom alle kandidaten. Of – wie er nog van over zijn.
Klaas, Mark, Alex, G-J, Syb.

Er zit geld in de pot. Het bedrag in de pot groeit gestaag. En dat is goed. Jullie spelen het spel op de juiste manier. Opvallend is dat Mark bij uitstek het meeste geld voor de pot heeft verdiend.
Maar vandaag kan alles veranderen. Het is tijd voor een opdracht.

De opdracht luidt als volgt.
Hier staan we dan, in dit arme land met een staatsschuld van 409,8 miljard euro, in de ziedende hitte, op het plein dat de lokale bevolking ‘Het Binnenhof’ noemt.
Een plein dat dateert uit de zeventiende eeuw, het oudste parlementscomplex in Europa dat nog als zodanig dienstdoet.
Ondanks al die armoede valt hier vandaag een boel te winnen.

Als je goed kijkt, zie je aan elke lantaarnpaal een kindje geketend.
Het cijferslot bestaat uit een aantal cijfers.
Een deel van die cijferreeks is de datum waarop het kindje dit land binnen is gekomen. Een tip die ik alvast kan meegeven is: De kinderen spreken vloeiend Nederlands! Je kunt het ze dus gewoon vragen.
Een ander deel is iets moeilijker te vinden, en staat onder het scrotum van een van de andere deelnemers geschreven. De redactie is ook blij dat er geen vrouwen in het spel zijn.
Probeer alle mogelijke variaties uit om de code te kraken.

Jullie moeten, zodra het kind is bevrijd, met het kind samen dat torentje beklimmen. Één van jullie moet bovenin het torentje blijven om het touw waarlangs naar boven geklommen wordt, vast te houden. Ja, Mark, dat wil jij wel doen? Goed. Dan kunnen we beginnen!

Voor elk gered kind staat een geldbedrag van 500 euro.
Voor deze opdracht krijgen jullie net zolang als jullie nodig denken te hebben.
Succes!

 

—- Kijk volgende week naar De Klimaat Challenge

TEKST | De Pilot

Dit is een deel van de tekst zoals gepubliceerd in het boek INC. van TiLT, waarvoor ik in residentie bij de gemeente Tilburg ging.

 

De Wijkagent.

‘Soms moet je gewoon naar voren stappen, de mouwen opstropen, recht in de koplampen kijken en erkennen dat je iets fout gedaan hebt. En nu hebben wij op papíer niks fout gedaan. Dat moet wel gezegd. Wij hebben enkel uitgevoerd. Wij hebben opdrachten opgevolgd. Hebben geluisterd naar onze opdrachtgever, en hebben de ruimte voor vrije invulling, die wij van de gemeente zo genereus kregen, genomen. Er waren voorheen nog geen richtlijnen voor deze manier van werken. Het was de pilot. Zo noemen ze dat, als ze nog niet zeker weten of ze iets wel ècht een goed idee vinden, maar het wel snel willen laten gebeuren. Een pilot heb je zo gestart. Beleid en visie ontwikkelen is een langdurig proces. Wat ik wil zeggen, mevrouw de rechter, meneer de voorzitter, is dat wij het niet wisten. U moet weten dat ik het meen als ik zeg dat wij ons van geen kwaad bewust waren. Ook niet bij het eerste Twitter-relletje. Toen op een gegeven moment de kranten ermee vol stonden, ja, toen gingen er een aantal belletjes rinkelen. Alarmbellen, gerust. Maar toen was het plan al in beton gegoten. Letterlijk, inderdaad.’

*

Notulen wijkoverleg 2018-09-22 13:00 – 15:00

Aanwezig: Berend, Sjuul, Abke, Henny, Rens, Eva
Afwezig: Harry

1. Actiepunten vorig overleg bespreken

2. Nieuwe actiepunten formuleren

Punt: Harry weer afwezig.
Actie: Harry vragen of hij de volgende keer wel aanwezig kan zijn.

Punt: Het overleg heeft geen structuur of coherentie, we beginnen steeds opnieuw en iedereen begint gewoon ergens met praten.
Actie: Volgend overleg moet een agenda hebben, met als richtlijnen casuïstiek en problematiek.

Punt: Klachten over nieuwbouwwijk blijven binnenstromen. Bewoners kunnen door de omvang van de aangelegde stormbaan nergens hun auto kwijt. Ook ervaren ze overlast van de levensgrote sjoelbak die in de leefstrook voor de deur van de hele Basterstraat ligt. Zelfs uit de bejaardenflat stromen de klachten binnen. De werkende bewoners zijn in staking gegaan, en hebben de hele stormbaan bezet.
Actie: Bewoners niet te woord staan voordat er beleid geschreven is over het omgaan met klachten in de nieuwbouwwijk.

Punt: Schommel aan de Beveringenlaan staat verkeerd. Schommel raakt huis wanneer erop geschommeld wordt.
Actie: Bewonersbrief opstellen met de vraag of iedereen het ermee eens is de schommel een kwartslag te laten draaien zodat er gewoon op geschommeld kan worden.

Punt: Aan de Brakelseweg is er geklaagd dat alle straatnamen in hun wijk met de ‘B’ beginnen en dat er daarom erg vaak verwarring is voor mensen die er de weg niet kunnen vinden.
Actie: Doorschuiven naar een volgend overleg.

Punt: Harry kan schijnbaar nooit – volgens Eva – dus we moeten ofwel op een ander moment intervisie aanvragen, ofwel een andere Harry benaderen.
Actie: Iemand moet Harry, of een andere Harry, mailen m.b.t. de aanwezigheid van Harry of een andere Harry.

Punt: Het eerste punt van deze vergadering heeft teveel tijd ingenomen, waardoor we in tijdsnood komen overige punten.
Actie: De volgende vergadering eerder beginnen met vergaderen.

TEKST | Kerstgedicht

Dit gedicht gaat over mensen die een vleesvervangende kerst tegemoet gaan

We beginnen met een aperitief, misschien twee
Dan een koud voorgerecht van schaal, zonder dier.
Hierop volgt een warm voorgerecht: de vegetarische vleeslollies van verschillend formaat.
Waarna we aan de cabernet sauvignon beginnen,
want de volgende gang bevat gepocheerde lamsoor en wild kattenkruid.
Hierbij een zwaardere merlot, voor ome Mies twee tripeltjes.
Dan het hoofdgerecht: beenham van bietjes,
nu kunnen we pas echt aan de drank.
Voor ome Mies nog twee biertjes,
daarbij serveren we een rijke kaasplank,
Want veganisten mogen niet komen;
Een kerstdiner van alleen maar plant
en stukjes bomen,
is echt voor niemand wenselijk.
Ome Mies houdt zich staande aan het kookeiland,
Twee willekeurige kinderen slaan elkaar met een nepleverworst,
Luid kabaal gaat hiermee gepaard.
Oma wil graag naar huis en fluistert;
Vies he, worteltjestaart?

TEKST | Algorhythm & Blues

Voorgedragen tijdens Sound of Science, op 2 dec. 2018 in het Parktheater

Vroeger verstopte ik mij graag onder de elpeebakken in papa’s platenzaak. Dan hoorde ik boven mij het geluid van tikkende platenhoezen, die tegen elkaar werden gebladerd. Aan de toonbank zaten mannen met lange haren en groezelige spijkerjassen op barkrukken de grote glazen asbakken te vullen. Over hun oren waren enorme koptelefoons met geel schuim geklemd, met hun vinger bedienden ze één knop. Als die vinger vaker een sigaretje aftikte dan met de knop een nummer skipte, was de kans dat dit album gekocht werd groot.

Oorwurmen – van die liedjes die ongewenst blijven plakken – worden niet geboren uit algoritmes. Maar uit mensen van vlees en bloed. Mensen met een idee. Door andere mensen, met een likebutton en vrije tijd, kan de oorwurm uitgroeien tot een virale oorwurm. Dat klinkt misschien niet aantrekkelijk, maar het werkt wel. Zo horen we nu op de radio soms hitjes die in één uur zijn geschreven.

Papa zei altijd ‘Goeie muzikanten maken muziek omdat ze niet anders kunnen’. De muziekdocent deed daar later nog een schepje bovenop met haar ‘Je moet zingen vanuit je kut’. Muziek wordt dus geboren uit een urgentie. Alle grote helden, al die pas nog overleden geniën, ze konden niet anders dan die muziek maken. En wij konden niet anders dan dansen, dan neuriën, dan huilen of met ons hoofd knikken. Dat soort muziek beweegt je.

Hier in Eindhoven trilt die grond. Niet als in Groningen, hier is het meer een zware bastoon die door de straten bromt. Niet door machines in beweging gezet, maar door mensen. Mensen met kennis, van oorhaartjes tot viraal gegane youtubefilmpjes, van computers en systemen. Mensen met kennis van netwerken, mensen die het begin van het turntableism onderzoeken, mensen die van toekomstmuziek dromen. Het zijn altijd de mensen die dromen. De mensen die de ziel in de machine en het algoritme leggen.

Iemand die bij ons in de winkel op zoek was naar zogenaamde ‘slechte muziek’, dat wilde zoiets zeggen als: muziek zonder enkele urgentie, eenheidsworst, een talentenshowbandje, vond in mijn papa’s winkel niet wat ze wilde. De platen stonden op genre en op alfabet. Bij aantoonbare smakeloosheid wees papa je de weg: je loopt hier via de popbakken, van de A richting de Z, voorbij Zappa, na de uitverkoopbak stap je de drempel over, trek de deur achter je dicht als je buiten bent, houd een paar honderd meter rechts aan en probeer het bij de Free Recordshop nog eens. Houdoe en bedankt.

Goeie muziek wordt nog steeds gemaakt, mensen met een idee en een talent zullen er altijd zijn. Ook zonder platenzaken, ook wanneer alles online te grabbel ligt, ook wanneer er elk uur een oorwurm geboren wordt, en ook als algorhythm & blues een muziekstijl wordt. Want zolang als er mensen zijn, bestaat er kunst. Muziekstukken, makers, muzikanten, componisten, ze vormen jaarlijnen in ons bestaan. Jaarlijnen met dansende noten erop. Van de nostalgische klank van het geblader door de elpee’s, tot aan de toekomstmuziek.

TEKST | Zesduizend jaar later

Gepubliceerd in Shortreads, over dit nieuwsbericht

Zesduizend jaar later

Mijn ogen moeten wennen aan het licht. Ik knijp mijn ogen dicht tot spleetjes en het duurt even eer ik de vormen om mij heen herken. Het eerste dat ik merk is het gruizige gevoel in mijn keel. Ik krijg het maar amper weggeslikt. De moerassige terracotta wereld van zoeven heeft plaatsgemaakt voor een grijze, betonnen omgeving.

Bij mij thuis hier beneden, zeggen ze dat ik oud moeder ben geworden. Dat vinden ze kut, want dan hebben ze minder aan je. Ik had nu op mijn zoveel-en-twintigste – echt tellen doe ik niet – meer aardewerk potten kunnen wegzetten dan mijn zussen in een jaar, maar zo’n bevalling op late leeftijd gaat je niet in de klamme lappen zitten. Ik hoorde dat ze de vrouwen hierboven pas rond de negenentwintig-en-een-half bezwangeren. Ik geloof niet dat dat de productiviteit bevordert, maar ik kan me vergissen. Dat beton hierboven reikt toch al erg hoog.

Bij mij thuis hier beneden weten ze nog niets van riolering af. Dat moet allemaal nog komen. Stinken dat het er doet! En dan staan we ook nog eens bekend om onze visvangst. Je begrijpt, dat is geen ponypark voor je reukorgaan. Maar hierboven wordt alles lekker in de Bonus geshopt. Tegen de houdbaarheidsdatum aan, en zo goedkoop dat je de hamsters er gratis bij krijgt! Ongelofelijk.

Ik houd mijn hand boven mijn wenkbrauwen en klem mijn kindje iets dichter tegen me aan. Ik kijk naar boven, naar een van de grijze constructies. Knipper tegen het stof en de zonnestralen. Hoe kunnen ze het bouwen. En dan zou je denken: wat een grote woonhutten. Maar niets is minder waar. Hier stapelen ze zich op, in ruimtes van 15 vierkante meter. Studio’s, noemen ze dat dan. Zelfs onze graven zijn ruimer dan dat. Al delen ze de toiletten hier maar met een tiental andere mensen – dat is dan weer reuze hygiënisch, dat moet gezegd.

Iets kriebelt aan mijn zij, over mijn armen en mijn gezicht. Er staan rood-witte linten om mij heen gespannen. Ik vraag mij af wat jullie inmiddels doen met je doden, maar zal er snel genoeg achterkomen denk ik. Ik hoop iets met die hamsters, dat lijkt me wel wat.

TEKST | I.h.k.v. de Poëzieweek #1

Het volgende gedicht is voor mijn lens

Soms val je en dan vind ik je meteen
Dan denk ik: da’s ook knap!
Nu heb ik er een in en is de ander kwijt
Net was je nog zo dichtbij dat ik je niet zag
Nu plak je ergens tegenaan, maar zie ik je niet
Dat is ook knap
Vervelend.