TEKST | Hollen

Jij bent helemaal je eigen mens, althans dat zeg je zelf. Jij voelt je vrij en veilig tot aan waar je kunt kijken. Nu is dat de bosrand, aan het eind van de polder. Binnen is het tot aan de muren en het dak – nee, de zolder, en van voor- tot achterdeur. Veilig is iets dat je alleen bij jezelf moet kunnen voelen, zeg jij. Vroeger verhuisden we constant, nu woon je hier al het grootste gedeelte van mijn leven. Misschien waren die andere muren niet stevig genoeg. Ik kijk naar de flats die uit de bosrand steken en vraag me af of veiligheid wederzijds kan zijn.

Tijd is een streep in de lucht, zeg jij, een verzinsel van Professor Barabas, een komma, het bestaat alleen maar omdat anders alles tegelijkertijd zou gebeuren, en sinds het bestaat hebben we er al te weinig van. Net zoals geld. Net zoals geluk. We hollen erachteraan, we hollen tot onze voeten bloeden en we hollen onszelf uit. Achter schoonheid en liefde aan. Zijn rug verbloemt alles, en wij hollen verder en verder leeg.

En ondertussen zijn we hier alleen nu, op dit moment, een tijdsfragment. Een fractie van een fractie van een milliseconde van altijd. Wees in het moment! Roep jij. Het is nu! Maar nu is zelden zichzelf, bipolair, zo is nu nu al niet meer, en zo voldoet nu nooit aan onze verwachtingen van ooit, en dus drinken we, en dus vreten we ons vol, en dus kopen we en slopen we en hebben we lief en breken we af, stapelen we gedachte op herinnering op trauma. En daarom stapelkortingen, hamsteren, winter sales en vroegboekafprijzingsuitverkopen we.

En tegelijkertijd ben ik vergeten waar ik ophoud en waar jij begint. Van deze afstand, minstens minus één, voel ik jou veilig. Voel ik jouw veilig. Een groep ganzen trekt van achter de flats, over de polder tot over ons heen. Ze vormen zelf de pijl in de richting van hun nieuwe thuis. Daar zijn wij veilig, lijken ze te hebben besloten, in vogelvlucht. Het gakkende geluid dat met een trage doppler over ons heen komt doet me denken aan vroeger, aan de geur van bouillon en natte verf. Je kijkt mijn blik achterna. Ik ben zo benieuwd naar wiens mens ìk ben.